Respijtzorg: zo regel je dat je als mantelzorger even weg kunt

Respijtzorg betekent dat iemand anders de zorg voor je naaste tijdelijk overneemt, zodat jij een dagdeel, een weekend of een vakantie vrij hebt. Je regelt het via het mantelzorgsteunpunt of het Wmo-loket van je gemeente, via de huisarts of wijkverpleegkundige, of via het zorgkantoor als je naaste langdurige zorg krijgt. Begin met een vaste middag per week en bouw van daaruit op naar een paar dagen weg.

Helmgras op een lage duin met zand, daarachter een kalme zee en een smalle strook strand, onder een wijde grijsblauwe bewolkte lucht

Wat is respijtzorg precies?

Respijtzorg is zorg die iemand anders tijdelijk van je overneemt, zodat jij vrij bent van je taken als mantelzorger. Het heet ook vervangende zorg. Het kan één keer zijn, voor een vakantie, of vast, zoals elke week een dagdeel of elke maand een weekend.

Het gaat om de hele zorg, dus ook om de dingen die je zelf nauwelijks meer als zorg ziet, zoals ‘s nachts opstaan en de medicijnen klaarzetten. Zolang jij de enige bent die dat doet, ben je nergens echt vrij. Met respijtzorg doet iemand anders het een tijdje, en kun jij ergens anders zijn.

Je bent met veel. Volgens het Sociaal en Cultureel Planbureau gaf in 2024 39 procent van de Nederlanders mantelzorg, ruim 5,5 miljoen mensen, en het aantal mantelzorgers dat zich ernstig belast voelt, neemt toe. Hulp vragen voordat je op bent, hoort er dus bij.

Welke vormen van respijtzorg zijn er?

Er zijn drie hoofdvormen: iemand komt bij je naaste thuis, je naaste gaat overdag ergens heen, of je naaste logeert een paar dagen ergens anders. MantelzorgNL zet ze alle drie op een rij.

  • Hulp aan huis. Een vrijwilliger van een mantelzorgorganisatie, iemand uit je eigen kring of een betaalde kracht komt een dagdeel bij je naaste. Dit past als je naaste het liefst in de eigen omgeving blijft, en het is vaak de laagste drempel om mee te beginnen.
  • Dagopvang. Je naaste gaat een of meer dagen per week naar een dagopvang of dagbesteding, met begeleiding en een programma. Dat geeft jou een vast vrij blok in de week, en je naaste gezelschap.
  • Logeeropvang. Je naaste logeert een paar dagen of een week in een logeerhuis, een zorginstelling of een gastgezin. Dit is de vorm die je nodig hebt als je zelf een paar dagen weg wilt.

Is je naaste tijdelijk zieker, bijvoorbeeld na een ziekenhuisopname, dan kan er ook professionele verpleging en verzorging thuis komen. Dat regel je volgens de Rijksoverheid via de huisarts of de wijkverpleegkundige.

Waar begin je als je respijtzorg wilt regelen?

Begin bij het mantelzorgsteunpunt in je gemeente: daar weten ze welke vormen er bij jou in de buurt zijn en wie ze betaalt. Veel gemeenten hebben zo’n steunpunt, soms onder een andere naam, zoals mantelzorgcentrum of welzijnsorganisatie. Je vindt het via de website van je gemeente of via het overzicht van MantelzorgNL.

Daarna komt de vraag wie betaalt. Dat hangt af van de situatie van je naaste, en MantelzorgNL zet de mogelijkheden op een rij:

  1. De gemeente, via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of, voor een kind, de Jeugdwet. Je vraagt het aan bij het Wmo-loket of het sociaal wijkteam. Elke gemeente heeft eigen regels.
  2. Het zorgkantoor, als je naaste een indicatie heeft voor de Wet langdurige zorg (Wlz). Dan kan het zorgkantoor de vervangende zorg betalen.
  3. De zorgverzekeraar. Sommige aanvullende verzekeringen vergoeden vervangende mantelzorg. Kijk in de polis van je naaste, of bel.
  4. Een persoonsgebonden budget (pgb), als je naaste dat heeft. Daarmee huur je zelf iemand in.

Weet je niet onder welke wet je naaste valt, dan helpt Regelhulp, de wegwijzer van de Rijksoverheid, je op weg. Stel in elk gesprek een concrete vraag. “Ik wil elke donderdagmiddag vrij zijn, wat kan daarvoor?” levert een duidelijker antwoord op dan “wat zijn de mogelijkheden?”.

Werk je naast de zorg, dan heb je volgens de Rijksoverheid ook recht op zorgverlof. Kortdurend zorgverlof is maximaal twee keer je wekelijkse uren per twaalf maanden, en je werkgever betaalt dan minimaal 70 procent van je loon door. Langdurend zorgverlof is maximaal zes keer je wekelijkse uren per twaalf maanden, zonder loon. Dat verlof gebruik je bijvoorbeeld voor de gesprekken met de gemeente en voor de eerste keren dat je de nieuwe hulp inwerkt.

Hoe bereid je de eerste keer weg voor?

Begin met een dagdeel, en bouw pas daarna op naar een nacht en een paar dagen. Zo went je naaste eraan dat er iemand anders komt, en wen jij eraan dat het kan. Dit is de volgorde die werkt:

  1. Kies een vaste middag. Laat de vrijwilliger of de dagopvang een paar weken lopen voordat je verder weg gaat. Een vast moment is makkelijker uit te leggen en vol te houden dan een losse afspraak.
  2. Zet de dag op papier. Wat eet je naaste, welke medicijnen wanneer, wat helpt als het onrustig wordt, welke woorden werken. Eén A4 op de koelkast is genoeg.
  3. Laat ze vooraf kennismaken. Een kop koffie met de vrijwilliger of een kijkmiddag bij de logeeropvang, terwijl jij er nog bij bent, scheelt veel op de dag zelf.
  4. Spreek af wie belt. Eén contactpersoon, één nummer, en de afspraak dat die alleen belt als het echt moet. Anders loop je met je telefoon in je hand over het strand en ben je er toch niet.
  5. Plan een gesprek na de eerste keer. Wat ging goed, wat moet anders. Daarna wordt de volgende keer langer.

Schuldgevoel hoort erbij, zeker de eerste keer. Hoe je daarmee omgaat als je voor meer mensen tegelijk zorgt, lees je in de blog over zorgen voor kinderen en ouders tegelijk.

Wat doe je met de tijd die vrijkomt?

Iets wat van jou is, zonder taken erbij. Veel mantelzorgers vullen een vrije middag met boodschappen en de administratie van de zorg. Dan ben je wel weg, en toch nog aan het zorgen.

Voor een dagdeel is het antwoord vaak klein: een wandeling zonder telefoon, of een uur slapen. Voor een weekend of een paar dagen helpt een plek waar je niets hoeft te regelen en waar alles al klaarstaat. Op Vlieland kom je zonder auto aan, hoor je vooral de wind en de branding, en loop je vanuit het hotel zo het strand op. Rust en Reset is daar twee dagen met sessies waar je zelf voor kiest en veel vrije tijd. Een paar dagen bij een vriendin of een lege agenda thuis kan net zo goed.

Dit artikel vervangt geen behandeling. Slaap je al langere tijd slecht, ben je somber of is alles te veel, ga dan naar je huisarts.

Houd dit vast als het schuldgevoel opkomt: je naaste heeft meer aan iemand die uitgerust terugkomt dan aan iemand die er altijd is en op is. De eerste middag weg hoort daarom bij de zorg, net als de medicijnen en het eten.

Samengevat

  • Respijtzorg, ook vervangende zorg genoemd, is zorg die iemand anders tijdelijk van je overneemt: eenmalig, zoals bij een vakantie, of vast, zoals elke week een dagdeel.
  • De drie hoofdvormen zijn hulp aan huis door een vrijwilliger of betaalde kracht, dagopvang en logeeropvang; tijdelijke verpleging thuis regel je via de huisarts of wijkverpleegkundige.
  • Je begint bij het mantelzorgsteunpunt in je gemeente; wie betaalt hangt af van de situatie van je naaste: de gemeente, het zorgkantoor, de zorgverzekeraar of een persoonsgebonden budget.
  • Werk je naast de zorg, dan heb je recht op kortdurend zorgverlof met minimaal 70 procent loon en langdurend zorgverlof zonder loon.
  • De eerste keer weg lukt beter met een vaste middag als opstap, een overzicht van de dag op papier, een kennismaking vooraf en één contactpersoon die alleen belt als het moet.
  • Vul de vrije tijd met iets wat van jou is, zonder taken erbij; een paar dagen op een plek waar alles al klaarstaat is één van de mogelijkheden.

Veelgestelde vragen

Wie betaalt respijtzorg?

Dat hangt af van de situatie van je naaste. De gemeente betaalt via de Wet maatschappelijke ondersteuning of de Jeugdwet, het zorgkantoor via de Wet langdurige zorg, en sommige aanvullende zorgverzekeringen vergoeden vervangende mantelzorg. Heeft je naaste een persoonsgebonden budget, dan kun je daar zelf iemand van inhuren. Het mantelzorgsteunpunt in je gemeente weet welke route bij jullie past.

Kan ik respijtzorg krijgen als mijn naaste geen indicatie heeft?

Vaak wel. Een vrijwilliger aan huis via een mantelzorgorganisatie vraagt meestal geen indicatie. Voor dagopvang of logeeropvang via de gemeente heb je een beschikking nodig, die je aanvraagt bij het Wmo-loket of het sociaal wijkteam. Begin daarom bij het mantelzorgsteunpunt, dat kent de mogelijkheden in je buurt.

Hoe vaak kun je respijtzorg gebruiken?

Zo vaak als je het regelt en de betaler het vergoedt. Het kan eenmalig zijn, bijvoorbeeld voor een vakantie, of vast, zoals een dagdeel per week of een weekend per maand. Veel mantelzorgers beginnen met een vaste middag en breiden dat later uit.

Wat als mijn naaste niet wil dat ik wegga?

Vertel ruim van tevoren wat er gebeurt en laat de nieuwe hulp vooraf kennismaken. Begin met een dagdeel, zodat je naaste merkt dat je terugkomt en dat het goed ging. Blijft het weerstand geven, bespreek het dan met het mantelzorgsteunpunt of de huisarts.

Heb ik recht op verlof van mijn werk om voor een naaste te zorgen?

Ja. Volgens de Rijksoverheid heb je per twaalf maanden recht op kortdurend zorgverlof van maximaal twee keer je wekelijkse uren, met minimaal 70 procent van je loon, en op langdurend zorgverlof van maximaal zes keer je wekelijkse uren, zonder loon. In je cao kunnen andere afspraken staan.

Mischa

Ademcoach, begeleidt je in Zeewind

Adem even mee

Vier tellen in, vier tellen uit. Zo begint Zeewind, onze gratis ademsessie met de stem van Mischa en de klanken van de handpan. Ruim een kwartier voor jezelf, thuis, wanneer het jou uitkomt.

Handig! We houden je gelijk op de hoogte van nieuwe retraites en onze blogs.